Inspectie van 26 juni 2026 — Woonzorgcentrum
Volledig verslag (PDF, Zorginspectie) · verslagnummer ZI-2026-02312
Warmteactieplan In De Praktijk: Om de gevolgen van hitte voor bewoners te beperken, nemen woonzorgcentra best gerichte maatregelen op het vlak van hydratatie, temperatuurbeheersing en comfort. Een structurele aanpak binnen deze domeinen draagt bij tot een veilig en aangenaam leefklimaat voor alle bewoners (Intern warmteactieplan voor woonzorgcentra, stappenplan, versie 2021).
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Vaststellingen op basis van: o observaties rondgang o toelichting gesprekspartners. De voorziening kan aantonen dat er verschillende maatregelen, op verschillende domeinen, worden genomen om de gevolgen van de hitte voor de gebruikers te beperken: Ja Nee NB - vochttoediening ● - comfort ● - temperatuurbeheersing ● Er werd vastgesteld dat de voorziening verschillende maatregelen treft om de gevolge
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: stimuleren van bewoners om naar de geklimatiseerde ruimte te gaan;
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: 's avonds en 's nachts ramen open en overdag ramen (en gordijnen) toe;
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: extra drankenrondes worden voorzien, plus in de namiddag een mocktail;
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: verfrissende tussendoortjes zoals ijsjes en watermeloen;
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: frisse wasbeurten met koude washandjes;
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: aanpassing van het middagmaal (bv. koude aardappelen, koud hardgekookt eitje, ...);
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: ventilatoren voorzien op enkele bewonerskamers;
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: aangepaste activiteiten.
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Tijdens een rondgang in het deel van het gebouw waar op het moment van de inspectie zoninstraling aanwezig is, wordt nagegaan of de temperatuur in bewonerskamers en gemeenschappelijke verblijfsruimten niet hoger oploopt dan de buitentemperatuur. Deze buitentemperatuur wordt bij aanvang van het inspectiebezoek in de schaduw gemeten. Daarnaast wordt gecontroleerd of er doeltreffende zonnewering aanw
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: De temperatuurmetingen werden uitgevoerd door Zorginspectie met behulp van een thermometer die werd gekalibreerd binnen een DIN EN ISO 9001‑gecertificeerd kwaliteitsborgingssysteem en een meetonnauwkeurigheid heeft van ±0,4°C. Bij de interpretatie en vergelijking van binnen‑ en buitentemperaturen werd rekening gehouden met de cumulatieve meetonzekerheid, resulterend in een totale afwijkingsmarge v
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Vaststellingen op basis van: o temperatuursmetingen in gemeenschappelijke ruimtes o temperatuursmetingen in bewonerskamers. Locatie Temperatuur Buitentemperatuur (schaduw) 31,6°C Bewonerskamer - eerste verdieping 27,6°C Bewonerskamer - derde verdieping 29,2°C Bewonerskamer - vierde verdieping 30,6°C Eet- en leefruimte - eerste verdieping 26,8°C Eet- en leefruimte - derde verdieping 27,5°C Eet- en
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Het is belangrijk dat woonzorgcentra vanaf de waarschuwingsfase van het Vlaamse Warmteactieplan kunnen beschikken over een geklimatiseerde ruimte. Niet alle bewonerskamers zijn immers even goed beschermd tegen zoninstraling en warmteopbouw. Aspecten zoals de ligging van de kamer, de isolatie of beperkte ventilatiemogelijkheden kunnen ertoe leiden dat de binnentemperatuur sneller stijgt dan gewenst
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Vaststellingen op basis van: o rondgang o temperatuursmetingen. Indien de waarschuwingsfase van het Vlaamse Warmteactieplan wordt opgestart, kan men -indien nodig- beschikken over een geklimatiseerde ruimte: Ja, de volledige voorziening is geklimatiseerd (gemeenschappelijke en individuele verblijfsruimtes). Ja, men beschikt over een geklimatiseerde ruimte. Men beschikt niet over een geklimatiseerd
Nieuw vastgesteld.