Inspectie van 29 juli 2026 — Woonzorgcentrum
Volledig verslag (PDF, Zorginspectie) · verslagnummer ZI-2026-02679
Warmteactieplan In De Praktijk: Om de gevolgen van hitte voor bewoners te beperken, nemen woonzorgcentra best gerichte maatregelen op het vlak van hydratatie, temperatuurbeheersing en comfort. Een structurele aanpak binnen deze domeinen draagt bij tot een veilig en aangenaam leefklimaat voor alle bewoners (Intern warmteactieplan voor woonzorgcentra, stappenplan, versie 2021).
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Vaststellingen op basis van: o observaties tijdens de rondgang op het gelijkvloers, de eerste en de tweede verdieping waarbij drie gemeenschappelijke leefruimten en drie bij steekproef uitgekozen woongelegenheden werden bezocht; o gesprek met de Facilitair Manager, zorgpersoneel en bewoners. De voorziening kan aantonen dat er verschillende maatregelen, op verschillende domeinen, worden genomen om
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Er werden extra drankrondes georganiseerd in de voor- en namiddag en 's avonds (met o.a. sportdrankjes met vitaminen en miniralen, limonade, water...). Er werd ook fruit (bv aardbeien) en ijsjes geserveerd. Bewoners werden gestimuleerd om te drinken.
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Bewoners werd lichte kledij aangedaan en er werd gevraagd om zoveel mogelijk naar de leefruimtes te gaan waar airco aanwezig was. De bedbedekking werd aangepast naar een laken. De activiteiten werden aangepast.
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: De ramen werden 's ochtends en 's avonds geopend om te verfrissen en te ventileren. De zonnewering werd in de bewonerskamers naar beneden gelaten, gordijnen werden gesloten en ook de ramen werden gesloten. Tijdens de rondgang werd vastgesteld dat bewoners lichte kledij droegen en steeds drinken bij de hand hadden. De bedbedekking was aangepast. De ramen waren in de bezochte kamers gesloten, de zon
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Tijdens een rondgang in het deel van het gebouw waar op het moment van de inspectie zoninstraling aanwezig is, wordt nagegaan of de temperatuur in bewonerskamers en gemeenschappelijke verblijfsruimten niet hoger oploopt dan de buitentemperatuur. Deze buitentemperatuur wordt bij aanvang van het inspectiebezoek in de schaduw gemeten. Daarnaast wordt gecontroleerd of er doeltreffende zonnewering aanw
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: De temperatuurmetingen werden uitgevoerd door Zorginspectie met behulp van een thermometer die werd gekalibreerd binnen een DIN EN ISO 9001‑gecertificeerd kwaliteitsborgingssysteem en een meetonnauwkeurigheid heeft van ±0,4°C. Bij de interpretatie en vergelijking van binnen‑ en buitentemperaturen werd rekening gehouden met de cumulatieve meetonzekerheid, resulterend in een totale afwijkingsmarge v
Nieuw vastgesteld.
Warmteactieplan In De Praktijk: Vaststellingen op basis van: o rondgang in het gebouw; o toelichting door de gesprekspartner. Locatie Temperatuur Buitentemperatuur in de schaduw (bij aanvang inspectie)
Nieuw vastgesteld.
25,4° C.: Het is belangrijk dat woonzorgcentra vanaf de waarschuwingsfase van het Vlaamse Warmteactieplan kunnen beschikken over een geklimatiseerde ruimte. Niet alle bewonerskamers zijn immers even goed beschermd tegen zoninstraling en warmteopbouw. Aspecten zoals de ligging van de kamer, de isolatie of beperkte ventilatiemogelijkheden kunnen ertoe leiden dat de binnentemperatuur sneller stijgt dan gewenst
Nieuw vastgesteld.
25,4° C.: Vaststellingen op basis van: o rondgang; o temperatuurmetingen Zorginspectie; o toelichting door gesprekspartner. Indien de waarschuwingsfase van het Vlaamse Warmteactieplan wordt opgestart, kan men -indien nodig- beschikken over een geklimatiseerde ruimte: Ja, de volledige voorziening is geklimatiseerd (gemeenschappelijke en individuele verblijfsruimtes). Ja, men beschikt over een geklimatiseerde
Nieuw vastgesteld.